vorige | overzicht | volgende

13/08/01 | Our man in Bangalore

Doe ik nog meer dan alleen de krant lezen en de Indiase politiek volgen? Natuurlijk. Cultuur opsnuiven enzo. Veel tempels bekijken. Met dat doel zijn we ook naar Mamalapuram getrokken. En klein plaatsje aan zee, 50 kilometer onder Chennai (Madras). Het is hier te warm en te vochtig. Ik kan daar slecht tegen, wat zoveel betekent als: het zweet loopt met stralen over mijn hoofd heen. Heel onsmakelijk, en soms trek ik zelfs meer bekijks dan Machteld, die nota bene in een rokje loopt en een truitje zonder mouwen!
Dat kan overigens prima hier want dit is de eerste plaats waar we flink wat toeristen tegenkomen.

Goed gevoel
Bangalore hebben we verlaten met een heel goed gevoel. In het vliegtuig naar India kwamen we een man tegen die in Bangalore woont. Hij nodigde ons uit contact met hem op te nemen als we daar waren. Dat hebben we gedaan, en na een aantal onduidelijkheden over en weer lukte het dan toch een afspraak te maken. Onze laatste dag in Bangalore hebben we samen met hem en zijn zoont(tje) doorgebracht.
Manohar -dat is zijn achternaam, maar tegelijk zijn roepnaam- werkt in Bangalore, en veel ook: 5-en-halve dag in de week bij een fabriek die springveren maakt. Het is een doorslaand succes, want ze kunnen met gemak de binnenlandse orders afslaan. Zijn vrouw is werkzaam als software-engineer, waarmee ze gezamenlijk bovenmodaal verdienen.


Het was erg gezellig en overigens ook een welkome afwisseling, omdat hij ons natuurlijk meenam naar plaatsen waar toeristen niet komen. Dat is logisch, want het zijn plekken waar gewoon Indiërs wonen en werken, en waar dus weinig bijzonders is te zien. Maar waar overigens wel overheerlijke restaurants zijn. Voor het eerst heb ik echt zitten smikkelen en smullen van onder meer een cashew masala. Nu begrijp ik een beetje waarom de (Zuid-)Indiase keuken wordt geroemd, en begrijp ik tevens dat de meeste restaurants waar we tot nu toe hebben gegeten op het nivo van Piet Patat/stationsrestauratie (sorry Angelo) zitten.

Lekker een beetje gekletst de hele dag, en een aantal vragen gesteld waar we al een hele tijd mee rondliepen.
Ik wilde het een en ander weten over de politiek en verkiezingen, maar daarover vertel ik een andere keer wel weer wat meer.
Er waren twee andere zaken die zowel Machteld als mij verbaasden: gewiebel met hoofden en de afwezigheid van affectie.

It depends
Het eerste is dus het gewiebel met de hoofden. Indiërs wiebelen namelijk veel en vaak met hun hoofd. We kwamen er al snel achter dat het geen nee betekend, maar wat het dan wel betekende... Helaas kon onze vriend uit Bangalore er ook geen antwoord op geven: "it depends", zo deelde hij ons mede.
Dat maakt het moeilijk, want het kan dus 'heel misschien' betekenen, maar net zo goed 'jazeker', of 'met alle plezier', of 'bedankt'. Het blijft dus puzzelen.

Hand in hand, kameraden
De afwezigheid van affectieve handelingen (zeg maar knuffelen, of elkaars hand vast houden) tussen mannen en vrouwen is ook opvallend. Mannen en mannen lopen heel vaak hand in hand, maar mannen en vrouwen niet. Navraag leerde dat het onsmakelijk wordt geacht. Manohar vertelde overigens dat hij zijn vrouw wel omarmde op straat, en dat het hem pas onlangs was opgevallen dat hij ook meteen de enige was in de wijk die dat deed. Af en toe stoppen en stilstaan om elkaar een zoen te geven -hij had het in Italië gezien- dat stuitte hem ook tegen de borst. Zoiets doe je niet in het openbaar, zeker niet in India waar het officieel nog is verboden!
Soms leidt het niet-aanraken, althans in mijn ogen, tot merkwaardige -zo niet gevaarlijke- situaties. Veel mensen maken namelijk gebruik van de brommer. De man voorop, en de vrouw schrijlings zittend (want sari-dragend) en dan een beetje de zitting vasthoudend (want haar man mag niet aangeraakt. Sommige brommers hebben daarom een apart handvat aan de zijkant).

Dat waren zo'n beetje de meest prangende vragen. Na een lekker pizzamaaltijd was het weer tijd om naar het station te gaan. We zaten een beetje in rats, omdat we alleen een waitinglistticket hadden kunnen bemachtigen. Na te hebben gebeld bleek het te zijn veranderd in een RAC: een 'Reservation Against Cancellation', wat betekent dat je wel op de trein kunt stappen, maar geen bed hebt. Aangekomen bleken echter zo'n 70 mensen te hebben geannuleerd, dussen konden we gewoon lekker languit (nou ja, Machteld dan, mijn bedje was zo'n 15 centimeter te kort) de treinreis naar Chennai aanvaarden.

Daar aangekomen werd het goede gevoel dat we in Bangalore hadden opgedaan al snel teniet gedaan door taxichauffeurs die vier keer teveel vroegen, een rivier die misselijkmakend stonk en dus de hitte.
Je krijgt niet snel de kans om te 'vergeten' dat je India bent.

Goed, volgende keer weer meer politiek, want dat is toch wel ontzettend interessant hier. Misschien dat ik ook nog wat wil vertellen over de vreemde mix van overheid en markt waar ze nu mee aan het experimenteren zijn. We zien wel, ik ga naar de monumenten kijken.

vorige | overzicht | volgende